dinsdag 16 februari 2010

mijn eerste carnaval



Ofschoon ik van tamelijk fanatieke katholieke huize afkomstig ben -mijn moeder was een groot vereerster van De Lachende Paus en glom immer van oor tot oor tijdens mijn optredens als misdienaar- heeft bij ons thuis carnaval nooit enige poot aan de grond gekregen. Carnaval werd bij ons thuis gezien als een even schandelijk als nodeloos ingewikkeld excuus om dagenlang de beest uit te hangen met drank en andermans vrouwen. Niet dat we bij ons in de familie moeite hebben met drank of andermans vrouwen, integendeel zelfs, maar om daar nu zo'n rare aanleiding voor op te tuigen... nee.
Bij ons op de middelbare school liep een leraar biologie rond, Jaap van Vleuten, die uit Brabant afkomstig was en over het carnavalsfeest, waar hij vanaf begin november altijd al reikhalzend naar uitkeek, placht te zeggen: "Ja, jongens, klopt: ik ben getrouwd... behalve met carnaval, dan zijn mijn vrouw en ik eventjes helemààl niet getrouwd!" Waarop hij stralend verkondigde dat dan alles mocht, die paar dagen lang, met wie en wanneer je maar wilde. Dat gaf allemaal niks en het was nog gezond óók. Aanhangers van de Baghwan waren er niks bij, onze hete canavalsmeester Jaap van biologie.
Ik heb het dus altijd maar een fout en verdacht feest gevonden, dat carnaval. En dat, terwijl de oorsprong van het feest zo sympathiek is: iedereen is verkleed en dus gelijk, en de burgerij mag de machthebbers van de stad voor gek zetten door malle praalwagens, sketches en vrolijke schimpliederen. Maar ondanks deze nobele oorsprong bleef ik toch altijd zitten met dat verwrongen beeld van zuipen, slempen en dronken seks met een als Eucalypta verklede huismoeder van vijf kinderen.

De komst van Ute in mijn leven heeft mijn reserves tegen carnaval in langzaam maar zeker tempo steeds verder teruggeschroefd. Als kind van de regio Köln is zij veroordeeld tot het levenslang verplicht en blijmoedig vieren van carnaval. Zij doet dit dan ook jaarlijks vol overgave. En zie: in het verstandige Keulse gaat het er allemaal vele malen beschaafder aan toe dan bij ons. Zo is mij verteld dat de ware canavalisten slechts één Kölsch, zeg maar een kleintje pils, per uur tot zich nemen. Daarnaast leven zij in deze dagen op een streng dieet van moddervet gebak, dat in het lichaam de alchohol opzuigt als een Sorbo-doekje gemorst water. Ten slotte beloven in Köln wederzijdse echtelieden elkaar trouw tijdens de canavalsdagen, en daar houdt men zich ook aan.
Kijk, denk ik dan opgelucht: zó kan het dus ook!

En zo toog ik dit jaar geheel gerustgesteld met Ute, haar zus en mijn neefje naar de lokale carnavaloptocht. Onvervaard hees ik mij in het mij zo treffend passende kostuum van lieveheersbeestje en met een rugzak vol Warsteiner ging ik de kleine troep voor, het carnaval tegemoet.
Ik moet zeggen: ik heb genoten. Van de malle pakjes, van de ongecompliceerde vrolijkheid, van het wegvallen van klassenonderscheid tussen mensen. En natuurlijk ook van de carnavalsliedjes. Arie Ribbens kwam twee keer voorbij met zijn Polonaise Hollandaise, Anton aus Tirol, Shalali ik ben verliefd ook, en ik zong alles uit volle borst mee.
Het was bijna jammer toen mij neefje mij na een paar uur deinen, hossen en rodarupsen uit de kolkende menigte trok omdat hij koud en moe was geworden, en graag naar huis wilde.
We zijn toen maar naar huis gegaan. Ach ja... je moet dan niet te streng zijn, het ventje moet immers nog leren wat de ware geest van carnaval is...

8 reacties:

  1. Nou ja zeg, wie had dat nou toch gedacht! De polonaise! En die rode krullen staan je echt geweldig. X

    BeantwoordenVerwijderen
  2. Ja Ja jochie jij bent dus met de bekende carnavals paplepel groot gebracht.Het was immers het hele jaar bij jullie carnaval.
    Maar nu je op heilige grond carnaval gevierd hebt ben je voor de rest van je leven besmet met dit virus.
    Ik moet zeggen je ziet er ook wel goed uit in je pakkie.
    Gr Okki

    BeantwoordenVerwijderen
  3. Inderdaad popvrienden, zo in dat pak en met een slokkie op kan ik de hele wereld aan! :0)

    BeantwoordenVerwijderen
  4. In jouw Boy Georgeperiode ging het aanbrengen van make up je waarschijnlijk een stuk beter af. Je hebt er goed aan gedaan de grens over te steken. Ik heb het twee keer in Limburg gevierd, je verstaat nieman en twee weken recupereren. Overigens was ik twee keer als monnik en inderdaad, beide keren in celibaat doorgebracht!
    PeterR.

    BeantwoordenVerwijderen
  5. Volgend jaar een dagje Oeteldonk of Kruikenstad? ;)

    BeantwoordenVerwijderen
  6. Toe maar Peter, als monnik! Mag ik een keer bij je biechten?

    En Marijn, volgend jaar Kruikenstad is okee!!! Afgesproken?

    BeantwoordenVerwijderen
  7. Hahahaha. Ik had nooit gedacht dat jij ooit carnaval zou vieren en al helemaal niet als lieveheersbeestje. Die rode krullen..... kun je die niet gewoon houden????

    BeantwoordenVerwijderen