
De afgelopen weken ben ik als pril en kiesbaar politicus vele deuren in Nijmegen en Lent langsgegaan om de mensen op de juiste gedachten te brengen voor de gemeenteraadsverkiezingen van vandaag. Mooi veldwerk, direct contact met de kiezer, werken aan de basis, voeten in de klei: mijn partijgenoten overspoelden me met ronkende en warme credo's aan de vooravond van de campagne. Ze hadden er baaie veel zin an, ze konden niet wàchten om met onze verkeizingskrant de kiezers tegemoet te treden, ja ze stonden gewoon te springen als blije veulens in de wei, ongedurig als Friese doorlopers voor de start van een Elfstedentocht.
Zeker, deels klopt het, deze blijde blik op onze ideologische colportage. Want laat ik eerlijk zijn: hoe vaak ben ik niet omhelsd door dankbare burgers, niet zelden geheel in tranen, snikkende mededelend: "U bent een zegen voor deze stad, meneer De Haan-Rißmann! Hoe kunnen wij u ooit danken?"
En hoe vaak heb ik niet moeten poseren voor de camera van stadgenoten, terwijl ik knipogend en met de duim onhoog naar het vogeltje keek? "Uw portret, voor op onze schouw thuis, zodat u altijd een beetje over ons waakt, dank u wel meneer De Haan-Rißmann!"
Ook ben ik bedolven onder bemoedigende en stimulerende leuzen als: "Red de toekomst van onze kinderen, meneer De Haan-Rißmann! Wij weten dat u het kunt!" Kijk, daar kikker je als kandidaat-raadslid weer helemaal van op. Dààr doe je het voor.
En natuurlijk ging ik vol vuur en vlam de dialoog aan met de kiezers, en inventariseerde ik hun noden en behoeften. Die liepen uiteen van "goedkoper bier en topless bediening in de Nijmeegse cafés" tot "NEC kampioenen!" , waarop ik geestdriftig zei dat ik er uiteraard alles aan zou doen om deze alleszins redelijke wensen per omgaande te realiseren. Want je doet het niet voor jezelf, maar voor het volk, nietwaar.
Maar toch... ondanks de vele duizenden bemoedigende reacties die ik heb gekregen, ondanks alle aubades, bloemenhulden en serenades die mij zo dikwijls te beurt vielen, ja zelfs ondanks de feestelijke rondtocht op platte kar door de binnenstad die mij gisteren is aangeboden als dank voor al mijn inspanningen voor de stad... ondanks al dit moois blijft toch juist die ene afwijkende, negatieve reactie hangen.
De betreffende kiesgerechtigde, een meneer bezig met het uitlaten van een pitbull, met kale coupe en gehuld in trainingspak, had gans en geheel geen boodschap aan mijn nobele streven en grootste plannen voor een welvarend en beregezellig Nijmegen.
"Ik zal jou 's wat vertellen jongen. 't Mot maar es afgelopen zijn met al dat over de balk smijten van poen daar bij die gemeente. Ik steek gewoon dat stadhuis in de fik!"
Ik schrok met een hoedje, maar herpakte me snel. "Ik begrijp het volkomen, meneer, u hebt ook helemaal gelijk hoor. Maar wacht u toch even af of ik gekozen word..."
"Hoezo? Jij gaat 't zeker zogenaamd allemaal anders en beter doen dan dat zootje dat er nou zit?"
"Natuurlijk, natuurlijk, ook dat... maar het lijkt me zo naar, raadslid zijn temidden van de rokende puinhopen van het stadhuis..."
Ik liet een kiezer in opperste verwarring achter.

Jeroen, jammer dat ik niet in Nijmegen woon, mijn voorkeurstem had je zeker gehad, zeker na zulk moedig optreden om deur aan deur mensen te storen bij hun dagelijkse bezigheden, variërend van boontjes doppen tot verbouwen van het huis. Slechts een enkeling zal dan een luisterend oor hebben voor een bevlogen Groenlinkser. Hopelijk heeft het wat stemmen voor je opgeleverd. Sterkte in de strijd tegen de gevestigde orde.
BeantwoordenVerwijderenPeterR.