Posts tonen met het label FC Schalke 04. Alle posts tonen
Posts tonen met het label FC Schalke 04. Alle posts tonen

woensdag 1 mei 2013

Auswärtssieg!

Ik had mij er zo op verheugd, mijn favoriete Duitse club weer eens in actie te zien in haar karateristieke, knusse Stadion der Freundschaft. Aan ons vorige bezoek, in november 2007, bewaar ik fantastische herinneringen: de underdog uit Cottbus versloeg Schalke 04 die dag, de Glühwein ging erin als Ketellapper, de stemming was lyrisch. Mijn grote vriend Tomislav Piplica, cultkeeper en erkend brokkenpiloot in de zestien, was sinds kort in de pikorde gepasseerd door Gerhard Temmel (vandaag de dag de stand-in van Michel Vorm bij Swansea) en bleef de volle negentig minuten op de bank zitten. In de aanloop naar die wedstrijd had ik meneer Piplica een kaartje gestuurd waarop ik onze komst uit Nederland (speciaal voor hem, zo benadrukte ik) had aangekondigd. Inclusief in welk vak we zouden zitten, zodat hij even naar ons kon wuiven tijdens de warming-up. Helaas werd er niet gewuifd, maar dat weerhield mij er als toegewijd fan niet van om na afloop, bij de drankkraampjes voor het stadion, vol passie zijn naam op orkaansterkte door de Cottbusser avond te laten galmen: "Pi-pli-caaaaaaaaaaa..!" En dat dan een half uur lang, achter elkaar door, totdat ik door Martin en Dirk met zachte drang in een taxi werd gelepeld. Zes jaar later sta ik op zondagmiddag, een uurtje voor aftrap, broodnuchter blij te wezen op de staantribune waar de die-hard-fans zich altijd verzamelen. Op tijd het bedje ingegaan gisterenavond, dat heeft geloond. Dit keer zijn het anderen in ons gezelschap bij wie de vlag op half elf of erger hangt - vooral bij de wazig koekeloerende Peter maak ik me zorgen of hij nu eigenlijk wel weet waar hij op dit moment is, na een nachtje kruidig stappen in Teplice. Bij tegenstander Bochum keert de grappige trainer Peter Neururer terug in het Duitse betaalde voetbal, na een afwezigheid van meerdere jaren. De olijke Neururer, die vroeger vele voetbalharten heeft gestolen met zijn uitspattingen langs de lijn en zijn edele kunst om de fans tot extase op te zwepen, krijgt bij het betreden van het veld een warm applaus van de Cottbusser aanhang, die daarbij zijn naam scandeert - zó algemeen geliefd is hij in Duitsland. Enigszins verbaasd, maar zichtbaar aangedaan neemt Neururer de bijval in ontvangst. Dit blijkt, achteraf gezien, slechts een opmaatje voor wat er na de wedstrijd zal gebeuren. In de tussentijd doen de elf van Energie hun clubnaam geen enkele eer aan: ze spelen zonder enige fut en laten de tegen degradatie vechtende Bochumers alle tijd en ruimte om hun slag te slaan in Cottbus. De heertjes hebben er gewoon geen spatje zin in, dat is glashelder. De rust wordt nog met 0-0 gehaald maar na de pauze knalt Cottbus er zelf de 0-1 maar in, om vervolgens helemaal weg te worden getikt door de ontketende mannen van ´Brandweerman` (vanwege zijn reputatie om clubs in nood uit de penarie te helpen) Neururer. De fanatieke aanhang in ons vak schakelt over van aanmoedigen naar het geven van een ferme trap onder de elf thuiskonten: "Aufwachen! Aufwachen!" Als dat niet helpt, gaat er een schepje bovenop: "Wir haben die Schnauze voll, wir haben die Schnauze voll..!" Maar ook deze motie van wantrouwen brengt het niet, en Bochum is zielsgelukkig met de beslissende 0-2 die in blessure-tijd valt. Echter, niet alleen Bochum juicht - ook de harde kern van Cottbus barst los in luid gejubel. Duizenden kelen spuwen: "Auswärtssieg! Auswärtssieg!" We zijn een tikje geschokt door zoveel cynisme. Maar dit was nog niet alles. Na het laatste fluitsignaal worden de eigen spelers uitge-boed op een dermate oorverdovende wijze, dat diverse zondebokken in een angstig drafje de catacomben (waarvan de ingang precies onder onze boze tribune ligt) opzoeken, of juist minutenlang nog wat in de midencirkel blijven dralen, om toch vooral maar niet onder de gesel der volkswoede door te hoeven gaan. Slechts twee spelers durven na geruime tijd de confrontatie aan, en klappen deemoedig voor hun nijdige supporters. Kijk, dát kan de staantribune dan wel weer waarderen - zuinig applausje terug. Maar dan. Dan worden afwisselend Peter Neururer en zijn team in woord en gebaar heilig verklaard. Minutenlang worden de heldendaden van Neururer bezongen - hij wordt er merkbaar door afgeleid bij het geven van een zoveelste tv-interview over zijn glorieuze comeback, en daarna laaft hij zich geruime tijd aan de staande ovatie die hij van ons hele block krijgt. Hij zwaait terug met de blik van een gelukkig kind dat in een donzig sprookje is beland. Maar ook zijn dappere blauwe rakkers ontkomen niet aan de intense verering die hen vandaag in Cottbus ten deel valt. Als de ploeg gezamenlijk uitloopt, rolt van onze tribune een donderend gejuich en geklap, waarvan sommige spelers eerst schrikken. Wanneer echter duidelijk wordt dat het hier om een spontane blijk van acute aanhankelijkheid gaat, doen de Bochumers vrolijk mee: ze doen hand-in-hand de klassieke dankjubel, gevolgd door het eveneens obligate pogo-dansje, en klappen dan hun handen stuk voor de fans van Cottbus - ongetwijfeld de sportiefste die zij ooit in hun carrière tegen zullen komen. ****** FC Energie Cottbus- VfL Bochum 1848, 14 april 2013: 0-2 (0-0), 2. Bundesliga. Toeschouwers: 8.555 ****** (Foto: Rißmann)

zondag 4 november 2012

flessendiefstal Auf Schalke

In Duitsland is het een bekend verschijnsel: fans nemen graag een indrinkbiertje mee in bus, metro of tram, op weg naar het stadion. Je lege fles kun je vervolgens op iedere hoek van het stadionterrein kwijt aan gepensioneerden, werklozen en andere nooddruftigen, die het glaswerk gretig inzamelen om aldus een leuk centje aan statiegeld bijeen te scharen. Zo ook op deze dinsdagavond in Gelsenkirchen, waar ik op de gezellige boulevard langs de oostzijde van de Veltins Arena wacht op Peter, die wat vertraging heeft opgelopen en pakweg drie kwartier later dan mij zal aankomen. Ik zoek een wat hoger gelegen plekje op, waar ik als een adelaar de boel kan overzien. Een prachtig gezicht: vrolijk koutende fans sjokken langs, iets verderop valt te zien hoe geordend het toegaat op een parkeerterrein, dat zich volgens een voorgegeven structuur gestaag vult met dinky toys. Het krioelt nogal van de flessenverzamelaars, zo merk ik – hun bedrijvigheid is hier, dicht bij de toegangspoorten, duchtig te noemen. Opvallend is het grote verschil in aanpak van de statiegeldjagers: ik zie scharrelaars met slechts een enkel gewoon plastic tasje, meer hebberigen met twee of drie zwaardere boodschappentassen, en als uitschieter een groot denkende man met twee winkelwagentjes plus op enkele andere strategische plekken (bij vuilnisbakken) opengestelde boodschappentassen. De forsgebouwde man beent kordaat op bierdrinkers af, die hij niet zelden sommeert om vlot hun fles leeg te drinken, zodat hij die in kan nemen. Dat doen de meesten braaf, en ondertussen zetten vele anderen hun lege hulsels uit eigen beweging in zijn karretjes of tassen. Want Duitsers vormen een relatief milieubewust volkje, dat het fijn vindt als afval netjes wordt gerecycled. Zoals dat ook is met verkopers van straatkranten, de brutaalsten krijgen de meeste omzet, zo is dat ook met deze doortastende bolle heer. Ik vraag mij een tikje bezorgd af hoe hij zijn enorme glasberg straks af wil voeren. Hijzelf lijkt daar niet mee te zitten: ijverig gaat hij van karretje naar tas, van tas naar volgende tas, dan weer af op passerende leveranciers. Tussendoor kijkt hij vorsend in iedere afvalbak die hier in de buurt staat, roert door de zooi daarin en trekt er af en toe een zojuist gedropt flesje uit. De concurrentie slaapt echter niet: ze sluipt kruislings tussen zijn looplijnen door. Schuchter loeren ze op de restprooien die de overheersende grootverdiener over het hoofd ziet. Het is bij vlagen ontluisterend wat ik zie. Het ene moment werpt een supporter een volgetoeterd servet of zakdoekje in een prullenkorf – het volgende moment komt de ene na de andere gegadigde gluren en graaien in al die vieze prut, hopend op een 33-centilitertje van 8 cent inruilwaarde. Met je handen vol snot en mayo naar huis, en dat voor soms maar een schamel eurootje vangst in totaal – ik vind het gewoon verdrietig. Iets minder treurig, want bijna zwarte humor, is wat ik plots de enige vrouw onder de jagers zie doen. Deze bejaarde dame, die er met haar glimmende oorbellen eigenlijk helemaal niet zo armoedig uitziet, heeft het lange tijd zwaar met oogsten. Telkens komt ze nét te laat, haar tasje bevat hooguit enkele glaswerkjes en klingelt nauwelijks. Maar dan komt het: ze staart de verbeten rondcirkelende dikkerd een tijdje na, en als hij met zijn rug naar haar heel kort in gesprek raakt met wat Schalke-liefhebbers, slaat ze toe: twee flessen joept ze kordaat uit één van zijn goedgevulde tassen. Ik lach stilletjes. Ik vind het wel mooi. Goed zo, moedertje. Dan stommelt ze weer verder, van bak naar bak. En Dikkie Dik, die heeft er niets van gemerkt. ***
FC Schalke 04 – SV Sandhausen, 30 oktober 2012: 3-0 (1-0), 2. Hauptrunde DFB-Pokal. Toeschouwers: 52.970.