zaterdag 15 juni 2013

De bomen schudden nee (deel 15 van 60)

Het was zaterdagmiddag. Ik was al terug uit Zandvoort van voetbal. Vandaag ging het gebeuren. We zouden vluchten. Mijn moeder had het helemaal gepland. Tegen vieren vroeg mijn moeder aan haar man of-ie misschien een lekker koppie koffie wilde hebben. Hij was aangenaam verrast. Normaal dronken we nooit koffie rond deze tijd. Maar hij kon 't wel gebruiken, was wat moe na een hele week hard werken. Met vuurrood hoofd bereidde mijn moeder de koffie in de keuken. Ze ademde snel, probeerde niet te hijgen. Ze schonk nog wat meer kokend water op het koffiefilter, het moesten minstens twee koppen worden. Op haar teken liep ik terug naar de woonkamer. In de deuropening staand kon ik mijn stiefvader goed in de peiling houden. Die zat op de bank, leesbil op, stuurs lezend in De Telegraaf. Mijn moeder kreeg en bemoedigend knikje van me, ze ging de keuken weer in en schonk een kop koffie in. Daarna haalde ze de tabletten tevoorschijn, en begon de ene na de andere in de koffie op te lossen door er eindeloos in te roeren. 'Hier lieverd.' Ze zette de koffie voor haar man neer met een omhaal alsof ze kaviaar op zilverblad presenteerde. Ze deed zo anders dan anders, nog veel kruiperiger dan ze normaal al deed tegen haar echtgenoot. Als dat zo doorging dan viel ze zometeen nog door de mand, dacht ik bezorgd. Ook Ome Klaas leek lont te ruiken. Argwanend keek hij zijn vrouw aan, die zenuwachtig naast de bank bleef staan waarop hij zat, in haar handen wreef en daarbij af en toe als een ooievaar een been optrok. Peinzend, sabbelend op een pootje van zijn leesbril, keek mijn stiefvader op naar mijn moeder. Toen liet hij zijn achterdocht varen. 'Wat is er toch meissie? Je ben zo nerveus. Hoe komt dat toch? Ga 's zitten. Is het te druk voor je, het huishouden plus de klussen hier in het kantoorpand erbij?' Hij sprak met zachte bromstem. Ineens helemaal niet zo bars of onvriendelijk. 'Drink je koffie maar op Klaas, anders wordt-ie koud.' Ze klonk afgemeten. Angst had in enkele seconden tijd plaatsgemaakt voor haast en vastberadenheid. Hij dronk. Trok een vies gezicht. 'Wat... brrr, wat is die bitter zeg!' Hij tilde zijn koffiekopje op tot vlakbij zijn gezicht en keek het onderzoekend aan. 'Heb ik er te weinig suiker ingedaan?', pareerde mijn moeder in een reflex. Ze wachtte het antwoord niet af en beende naar de keuken om de suikerpot te halen. Mijn stiefvader keek haar na. Hij leek geroerd door zijn nerveuze vrouw. 'Stien...' 'Ja?' klonk het alert vanuit de keuken. 'We gaan binnenkort weer 's met z'n tweetjes naar Oostenrijk. Da's goed voor de zenuwen. Dan kunnen we tot rust komen.' Ze beende de kamer weer in en grijnsde breed. 'Ja leuk.' Er ging extra suiker in de koffie. Het smaakte hem nog steeds niet bijster, maar kennelijk wilde hij zijn vrouw niet teleurstellen. Zijn plotselinge zachtheid bracht me even aan het twijfelen. Was dit nou wel zo'n slechte man? Mijn moeder zette door, ging een tweede kop koffie halen. Mijn stiefvader pakte de krant weer op. We herhaalden de truc met mij in de deuropening terwijl mijn moeder tabletten door de koffie roerde. Hij had niks in de gaten. De tweede kop koffie, met nog meer suiker dan de eerste, ging eveneens moeizaam maar zeker naar binnen bij ome Klaas. Hij zag er grauw uit toen hij het op had. 'Poe... ik voel me niet zo lekker, ik denk dat ik even ga liggen...' 'Doe maar lieverd.' Met gefronste wenkbrauwen, getuit mondje en de ogen toe strekte ome Klaas zich uit op de bank. Gebiologeerd keken mijn moeder ik toe. Hij zuchtte 's. Smakte een beetje. Ademde met een lang, snuivend geluid door zijn neus uit. Dat ging een paar minuten zo. Daarna zonk-ie stap voor stap steeds verder in een diepe slaap. Zijn borst ging gestaag op en neer. Hij lag er gekweld maar rustig bij. Mijn moeder gaf me een knikje. Op kousevouten slopen we de kamer uit. In de gang trokken we intens zwijgend onze jassen en schoenen aan. Muisstil de trap af. Onderaan de trap heel voorzichtig de deur opengeduwd en met grote zorgvuldigheid geruisloos weer toe. Dan via de overloop op de eerste étage naar de volgende trap en eenmaal beneden in de hal uit de bezemkast snel de twee plastic tassen met daarin het hoogstnodige tevoorschijn gehaald. We sloten ook de voordeur achter ons en in stevige looppas ging het nu naar station Heemstede-Aerdenhout. We hoefden alleen maar de Zandvoortselaan af te lopen, het was hooguit tien minuten wandelen. In mezelf verzon ik smoezen voor het geval dat ome Klaas onze vlucht nu zou ontdekken en ons op de Zandvoortselaan zou onderscheppen. 'U hebt zo hard gewerkt de afgelopen weken, we dachten laten we als verrassing voor ome Klaas er stilletjes op uit gaan om tompoucen te kopen.' Ik glimlachte bij de gedachte aan de verraste, gevleide reactie die dat zou opleveren. Naast mij stapte mij moeder driftig voort. Hijgend, haar blik vast gericht op het station. Bij het loket gekomen raakte mijn moeder de kluts kwijt. Schichtig keek ze om zich heen, drukte haar portemonnee in mijn hand. 'Twee enkeltjes Utrecht altublieft.' De lokettist keek me geamuseerd aan. 'Zo jongen, neem jij je moeder mee op reis? Zul je goed op d'r passen?' De draaischijf keerde mijn geld naar de lokettist en de kartonnen kaartjes met wisselgeld terug maar mij. 'Ja hoor meneer, dat zal ik doen.' Ik glom. Natúúrlijk zou ik goed op mijn moeder passen. Mijn moeder had haar zoon nu harder dan ooit nodig. Ik voelde me kalm en trots. In de trein zaten we op het balcon. Ik nam haar hand in de mijne en wreef die zachtjes. 'Komt wel goed mamma.' Ze leek het allemaal niet zo te merken. Haar grote groene ogen staarden naar iets wat ik niet kon zien. Haar mond hing open. Ze was heel ver weg. ****** (wordt vervolgd) ******

Geen opmerkingen:

Een reactie plaatsen